Vanzelfsprekend?
Lees hier de column van ds. Rienk Lanooy in de Klooster van november;

Het verhaal gaat dat St. Patrick, Iers patroonheilige, koning Learywilde winnen voor het christelijke geloof. De koning stemde toe en verheugd plaatste Patrick zijn bisschopsstaf krachtig in Ierse bodem om met beide handen te kunnen dopen. Toen hij naderhand zijn staf weer opnam, merkte hij dat hij ’s konings voet aan degrond had gespietst. De bisschop stamelde verbouwereerd zijn excuses en vroeg: “Maar sire, waarom zei u niets?” waarop koning Leary antwoordde: “Maar eminentie, ik dacht dat het bij het ritueel hoorde.” Rituelen zijn ‘vanzelfsprekende, eenmalige of herhaalde, veelal symbolische handelingen… ‘ aldus Corja Menken-Bekius. Een ritueel moet iets vanzelfsprekends hebben. Het gaat om een gedeeld weten. Koning Leary voelde dat goed aan, toen hij dacht dat vastspietsen bij het ritueel hoorde. Het kan ook anders gaan. Het gebeurde een paar jaar geleden. In de liturgie van de Kloosterkerk staat helder aangegeven: gemeente gaat staan/ zitten. Duidelijker kan niet, denk je, en toch… Na een dienst kwam iemand naar me toe die voor het eerst aanwezig was. Ze was in verwarring geraakt door die aanwijzingen. Iedereen om haar heen deed dat wel, maar, zei ze, “ik wist niet of dat ook voor mij bedoeld was; ik behoor immers niet tot de gemeente”. Voor deze buitenstaander was het geen ritueel, omdat het niet vanzelfsprekend was. Het gedeelde weten ontbrak. In een kerkdienst gebeurt veel ogenschijnlijk vanzelfsprekend. Staan, zitten, knielen, eten, drinken, reinigen raken aan het dagelijkse bestaan en hebben alleen al daardoor iets vanzelfsprekends. Toch –zo blijkt –kun je er niet zomaar vanuit gaan dat ze als rituelen worden herkend. Wat voor de één vanzelf spreekt, doet dat nog niet voor de ander. Koning Leary kon er van meepraten!

Rienk Lanooy Predikant van de Kloosterkerk