Op 22 december van het vorige jaar kopte het dagblad Trouw: Aantal gelovigen is nu gelijk aan het aantal niet-gelovigen. Onder de groep van gelovigen worden ook de moslims meegerekend, zo’n 5% van de bevolking. De afname van het percentage kerkleden verloopt door de jaren heen in een tamelijk stabiel tempo, aldus de analyse in Trouw. Ook wordt gewezen op de bevinding in eerder onderzoek dat 82% van de Nederlanders zelden of nooit in de kerk komt.  Deze cijfers verrassen niet gezien het gestaag verlopend proces van secularisatie gedurende decennia. Natuurlijk kunnen er  kanttekeningen bij deze conclusie worden geplaatst.  Om die kanttekeningen gaat het mij nu niet, maar wel om één van de gevolgen van de doorgaande secularisatie en het verminderd kerkbezoek, namelijk het gaandeweg wegvallen van kennis van de Bijbel en het christelijk geloof.

Bedrijven, overheidsinstellingen, maatschappelijke instellingen, onderwijsinstellingen etc. kennen tegenwoordig voor hun werknemers en ook voor de leidinggevenden de plicht tot periodieke her- en bijscholing. Die plicht geldt overigens ook voor de predikanten van de  Protestantse Kerk in Nederland (PKN) en daarmee eveneens voor de predikanten van de Kloosterkerk. Noodzaak en wenselijkheid worden in het algemeen niet betwist. Wat we ons niet realiseren dat de wekelijkse kerkdiensten al  eeuwenlang voor de gelovigen een educatieve functie hebben vervuld en nog vervullen.

De betekenis van het christelijk geloof en de kennis van de bijbel werden vroeger met de paplepel ingegoten in de gezinnen, op de scholen en in de kerken. Daarbij ging het niet alleen om kennis hebben van geloof en bijbel, maar ook om het vertrouwd maken met de normen en waarden in de joodse en christelijke tradities. Normen en waarden die in hoge mate in ons land bepalend zijn voor de manier waarop we met elkaar omgaan en de samenleving inrichten. Maar die kennis is stapje voor stapje in dat langzame maar gestaag voortgaande proces van secularisatie aan het opdrogen met alle schade van dien voor individu en samenleving.

De Protestantse Kerk Nederland (PKN) lanceerde in november een publiekscampagne met posters. De stelling “Geloven doe je in de kerk ?” krijgt op zes posters afzonderlijke antwoorden: Twijfelen ook!; Nadenken ook!; Verwonderen ook!; Troosten ook!; Onthaasten ook!: Helpen ook!. Dit initiatief verdient steun. Het mag echter niet blijven bij mededelingen op posters. Gehoopt mag worden dat in de gemeenten aan ieder van die slogans op de een of andere manier systematisch uitvoeriger aandacht besteed gaat worden. Het gaat immers om pastorale zorg aan kerkbezoekers en niet-kerkbezoekers. Maar ook om onderwijzen en leren. In een tijd van verwarring  mag juist dit niet worden verwaarloosd.

Het “leren” krijgt op allerlei manier aandacht in de Kloosterkerk: in het jongerenwerk, waarin we overigens best nog wat meer mogen investeren; in prekenseries (bijvoorbeeld die over de filosofen); in de kringen; in de kunst; in de Kloosterkerk Academie etc. Maar juist de aanwezigheid in het centrum van de stad maakt meer mogelijk. Bijvoorbeeld de idee uit één van de gemeenteavonden van de Kloosterkerkkoffiecorner. Of zoiets als een korte lunchpauzelezing ter vergelijking met de lunchpauzeconcerten. Kortom, de Kloosterkerk ook als leerplaats, waarvoor de (kleine) klok als schoolklok best eens mag luiden!

januari 2017, Wim Deetman