De Jonge Honden interviewen deze maand Kees Versteegh. Hij is als journalist verbonden aan een landelijk dagblad en neemt zitting in de Preek van de Leek­commissie. Met inmiddels één succesvolle editie achter de rug (met onder anderen staatssecretaris Sander Dekker – zie de foto hierboven), blikken we vooruit op de tweede van de Preek van de Leek. Ook zal de domineeszoon ingaan op zijn band met de kerk.

Wat is uw band met de (Klooster)kerk?

Ik groeide op als zoon van een hervormde dorpspredikant in Friesland en later de Betuwe. De secularisatie sloeg in deze tijd hard toe. Mijn vader leed daar sterk onder, ik veel minder. Als domineeszoon krijg je veel mee aan de keukentafel, van ziektes tot huwelijken. Ik ging geschiedenis studeren in Leiden. Ik sloot me hier aan bij de ooit gereformeerde studentenvereniging SSR en kwam in het bestuur van de plaatselijke koepel van studentenverenigingen. Na drie jaar verhuisde ik naar Amsterdam, waar ik mijn vrouw leerde kennen. Na een stage bij Trouw ging ik een jaar in Amerika studeren. Ik schreef een artikel over de religieuze diversiteit aan Smith College in Northampton, Massachusetts. Nou dat was dus schijn. Stiekem was het een hartstikke protestants instituut. Met deze publicatie was de plaatselijke dominee dan ook niet zo blij. Terug in Nederland zochten mijn vrouw en ik een nieuwe kerk. Omdat we wilden trouwen in een kleine kerk gingen we eerst naar een Engelse kerk. We troffen hier een kleine en warme gemeente, maar de preken waren helaas wat mager. Die diepgang vonden we uiteindelijk wel in de Kloosterkerk, waar ook de vrijzinnigheid ons zeer aansprak. Ik ben sterk beïnvloed door het denken van de filosoof Hannah Arendt. Mede door haar ben ik sterk doordrongen geraakt van de eigen waarde van instituten, of het nu culturele, politieke, of religieuze zijn. De kerk als instituut heeft voor mij grote waarde. Het is een andere, eigen werkelijkheid, van de buitenwereld afgesloten door muren en een dak. Samen met de bestuurlijke infrastructuur eromheen biedt zij bescherming tegen, onder andere, commerciële en politieke invloeden. Niet voor niets is de kerk in de loop der geschiedenis schuilplaats geweest.

Waarom de Preek van de Leek en wat houdt het in?

Het idee komt uit Amsterdam. In essentie gaat het erom dat kansel en bijbel niet enkel zijn voorbehouden aan de kerk. De kerk moet de luiken openzetten. Dit idee is als een olievlek over het land gegaan. In onze kerk kwamen de kerkgangers er zelf mee. Ze hadden de Preek van de Leek in Amsterdam bezocht en waren enthousiast. Wij hebben de initiatiefnemers van de Preek van de Leek Amsterdam toen naar de Kloosterkerk gehaald. Het Kloosterkerk Forum besloot dit idee uiteindelijk over te nemen. Wel wilden we het iets anders doen. Niet enkel sprekers uit links­liberale kring. Het moest breder en onafhankelijker. Daarnaast wilden we geen Amsterdammers, maar juist mensen uit Den Haag. Zo hopen we elke keer op iets spannends, iets dat prikkelt. Ik hoop dat mensen niet in een stramien blijven hangen, maar open staan voor zelfcorrectie. Mijn vader zou hier als rechtzinnig­ hervormd predikant geïnteresseerd ­kritisch naar hebben gekeken. Levert het nieuwe inzichten op? Het moet geen uitverkoop van de kerk zijn, geen lekkere marketingtruc worden. Inhoud moet voorop staan. Hoe verhoudt de spreker zich tot het geloof?

Wat heeft de preek van de leek nog in petto?

In Amsterdam was het een pilot die recent weer aan een herstart is begonnen. Je weet natuurlijk nooit wanneer het ophoudt. Dit project is niet blijvend, het is niet de bedoeling dat het een vast agendapunt wordt. Hierna komt er weer wat nieuws. Het is belangrijk dat we alle facetten van de maatschappij aan bod laten komen. Van politici en rechters tot schrijvers en vrijwilligers. Wat dat betreft lijkt het me interessant om de volgende keer iemand uit de wetenschap uit te nodigen. Cruciaal is dat er iets gebeurt tussen leek en kerkgangers. Ik zou het jammer vinden als er op dat vlak niets gebeurt. Vandaar dat ik met veel spanning uitkijk naar de preek van Oxfam Novib­-directeur Farah Karimi (22 november). Zij zal als moslima bijbel­ en koran­verzen spiegelen, spannend!

Hoe ziet u de toekomst van de (Klooster)kerk?

De kerk ­ dus ook de Kloosterkerk ­ wordt kleiner. Ze zal de komende tijd alleen nog maar meer een minderheidsinstituut worden. Als gevolg hiervan zal de verhouding tussen de traditionele kerkdienst en andere activiteiten ­ zoals de Preek van de Leek ­ veranderen in het voordeel van de tweede. Daarnaast zal het contact met de wereld hopelijk op verschillende manieren gestalte blijven krijgen. Dit kan mooie dingen opleveren. Een voorbeeld hiervan is het Voorhout Diner. We treden meer naar buiten en komen zo dichter bij de essentie van de kerk. Opereren op het snijvlak tussen kerk en wereld is van belang voor het voortbestaan en vibreren van de kerk. Illustratief voor de openheid van de kerk is de volgende anekdote. Twee jaar geleden stonden er tijdens Kerstnacht tien a vijftien uitgeprocedeerde asielzoekers met demonstratieborden voor de kerk; “Voor ons is er geen plek in de herberg”. We lieten ze binnen, waar ze hebben genoten van de dienst. We zijn een actieve gemeente, wat met zich meebrengt dat er grenzen zijn verbonden aan de buitenkerkelijke activiteiten. Een opener houding betekent niet dat we de kerk ook ter beschikking moeten stellen aan allerlei platte feesten. Dat kan de waardigheid van de kerk schaden. Maar de precieze invulling laat ik vooral aan het kerkbestuur over.

Wat is uw favoriete bijbelpassage?

Dat is zonder twijfel onze trouwtekst: Exodus 33:14-­15. “Hij dan zeide: Zou Mijn aangezicht moeten medegaan, om u gerust te stellen? Toen zeide hij tot Hem: Indien Uw aangezicht niet medegaan zal, doe ons van hier niet optrekken!” In de eerste plaats natuurlijk omdat dit door ons huwelijk een zeer bijzondere tekst is. Daarnaast omdat er in het vers iets zit van; hoe goed je ook je best doet, je kunt het nooit helemaal zelf doen. Je bent afhankelijk van genade. Hetzelfde element zit in de vliegtuigramp met de MH17. Natuurlijk is het ­ een wreed ­ toeval dat er op dat moment een raket op die plek op dat toestel werd afgeschoten. Ook is er misschien te weinig acht geslagen op de risico’s van het vliegen over oorlogsgebied. Maar de tragedie liet ook op rauwe wijze zien dat je als mens je leven nooit helemaal in eigen hand hebt.