Het is bijzonder om dit jaar in de beroepingscommissie te zitten. Ik kan natuurlijk niets over de inhoud van de procedure vertellen, die gebaat is bij de nodige discretie, maar ik kan wel vertellen hoe ik deze ervaar in vergelijking met het zoeken van een kandidaat voor een vacature in het bedrijfsleven.

Als eerste valt op dat er andere termen worden gebruikt. Beroepen, traktement, legger, ambt in plaats van solliciteren, loon, arbeidscontract en beroep. Dat heeft ermee te maken dat de predikant een bijzondere positie in het arbeidsrecht heeft. Omdat we vrijheid van godsdienst hebben is het kerken gegeven hun eigen organisatie en inrichting vorm te geven. Een predikant is een ambtsdrager en heeft een aparte rechtspositie, is dus ondernemer noch werknemer.

Verder valt op dat het beroepen de kenmerken van een sollicitatie en een headhunting heeft. Niet alleen reageren er kandidaten op de vacature en de profielschets, maar we gaan zelf op aanwijzing van met name gemeenteleden ook actief op zoek naar kandidaten die zelf nog niet gereageerd hebben. Beide manieren vereisen een groot verschil in benadering. Iemand die gesolliciteerd heeft kun je vrijelijk benaderen, informatie over inwinnen, maar iemand die nog niet weet dat hij of zij genoemd is, dien je omzichtiger te benaderen. En als je op bezoek gaat om te ‘horen’ moet je een verhaal paraat hebben waarom je in die kerk bent mocht je aangesproken worden.  Met onze diversiteit in leeftijd in de beroepingscommissie heeft dat al tot hilarische speculatieve familieverhoudingen van opa – kleinzoon of moeder – dochter geleid.

Daarnaast is ook veel hetzelfde als het werven van een kandidaat in het bedrijfsleven. We proberen goed te kijken naar de eisen die we aan de kandidaat stellen. We kunnen onmogelijk een schaap met vijf poten zoeken, al lijkt het daar soms wel op, maar we proberen met elkaar de belangrijkste kenmerken te benoemen. Vervolgens komt net als in het bedrijfsleven de vraag hoe we dat dan gaan beoordelen. We proberen een gezamenlijke taal te vinden om uit te drukken wat we goede kenmerken vinden, en wat we minder zoeken op basis van de profielschets. Verrassend daarbij is toch altijd weer dat er ondanks de grote verschillen in personen die in de commissie zitten, altijd een vrij identieke beoordeling komt als je met elkaar goed hebt gesproken over wat je zoekt. In gesprekken met kandidaten proberen we op zoek te gaan naar die kenmerken door vragen te stellen die gaan over gedragingen in het verleden, omdat gedrag in het verleden toch echt een betere voorspeller is voor het toekomstige gedrag dan intenties van mensen.

We voelen de verantwoordelijkheid die bij het beroepen komt zeer, omdat we beseffen dat de uitkomst van het proces van groot belang is voor de toekomst van de Kloosterkerk. We weten ons daarin gesteund door de gemeente die ons dit toevertrouwt en de Eeuwige die niet laat varen de werken van zijn handen.

André Suurmond

voorzitter kerkrentmeesters en lid van de beroepingscommissie