Dienst met cantate zondag 31 augustus 2003

Aanvangstijd 10.30 uur
Cantate Siehe zu, dass deine Gottesfurcht nicht Heuchelei sei (BWV 179)
Componist J.S. Bach
Door Residentie Kamerkoor / Residentie Bachorkest o.l.v. Jos Vermunt. Heleen Koele (sopraan); Marcel Reijans (tenor); Mattijs van de Woerd (bas)
Predikant Ds. C.A. ter Linden

Toelichting en tekst

Op 8 augustus 1723 beleeft deze cantate haar eerste uitvoering. De tekstdichter, ons niet bekend, sluit nauw aan bij de evangelielezing voor de elfde zondag na Trinitatis: de gelijkenis van de Farizeeër en de tollenaar (Lucas 18, 9-14).
In het openingsdeel ondersteunen de instrumenten de zangstemmen. De stemmen zetten met hun thema na elkaar in (fuga). Hierbij maakt Bach gebruik van de spiegeltechniek: de basinzet is g-a-b-c-d, een stijgende toonreeks, en de altinzet daarentegen heeft dezelfde intervallen (toonafstanden), maar in tegenovergestelde, dus dalende richting: g-f-e-d-c.
De instrumentale baspartij (basso continuo) heeft als enige orkestgroep een zelfstandige functie.
Het tweede gedeelte ‘und deine Gott nicht mit falschem Herzen' heeft een nieuw thema. Hierin beeldt Bach ‘falschem' uit met een chromatische (halve toonafstand) reeks, dit zet de tekst extra kracht bij. In de tweede helft van dit deel combineert Bach beide thema's.
Het tenorrecitatief is gebaseerd op Openbaringen 3, 14-16 ‘omdat gij lauw zijt en noch heet noch koud, daarom zal Ik u uitbraken uit mijn mond'. Bij de tekst ‘stolzer Eigenruhm' klimt de melodie tot in hoge regionen.
Dezelfde hoogte die in de volgende aria bereikt wordt bij ‘falschem Heuchelei'. In deze aria spelen hobo en eerste violen een fel ritmisch thema, ondersteund met een doorgaande basso continuo.
Hierna volgt het basrecitatief: per woord of lettergreep heeft de melodie één toon (syllabisch), met uitzondering van het slot, ‘so kannst du Gnad und Hülfe finden'; hier geeft Bach de tekst meer noten (melismatisch) en laat ook de begeleiding in een lopende beweging klinken.
De sopraanaria sluit hierop aan: een fraai ineengevlochten hoboduet in een lieflijke driekwartsmaatbeweging onderstrepen de tekst ‘liebster Gott, erbarme dich', waarbij ‘Gott' in de melodie de hoogste noot heeft. Een dalende melodie ontdekken we bij ‘ich versink in tiefen Schlaum', dat ook als contrast werkt bij het hoge ‘liebster Gott'.
Bij het slotkoraal maakt Bach gebruik van de melodie ‘Wer nur den lieben Gott lässt walten'. De opvallende ritmisch geprofileerde middenstemmen (alt en tenor) drukken het smeken om erbarmen uit: ‘erbarme dich, Gott, mein Erbarmer, über mich'.

Koor

‘Siehe zu, dass diene Gottesfurcht nicht Heuchelei sei, und diene Gott nicht mit falschem Herzen.'

Recitatief (Tenor)

Das heutge Christentum ist leider schlecht bestellt: die meisten Christen in der Welt sind laulichte Laodicäer und aufgeblasne Pharisäer, die sich von aussen fromm bezeigen und wie ein Schilf den Kopf zur Erde beugen, im Herzen aber steckt ein stolzer Eigenruhm; sie gehen zwar in Gottes Haus und tun daselbst die äusserlichen Pflichten, macht aber dies wohl einen Christen aus? Nein, Heuchler könnens auch verrichten.

Aria (Tenor)

Falscher Heuchler Ebenbild
Können Sodomsäpfel heissen,
Diemit Unflat angefüllt
Und von aussen herrlich gleissen.
Heuchler, die von aussen schön,
Können nicht vor Gott bestehn.

Recitatief (Bas)

Wer so von innen wie von aussen ist, der heisst ein wahrer Christ. So war der Zöllner in dem Tempel, der schlug in Demut an die Brust, er legte zich nicht selbst ein heilig Wesen bei; und diesen stelle dir, o Mensch, zum rühmlichen Exempel in deiner Busse für; bist du kein Räuber, Ehebrecher, kein ungerechter Ehrenschwächer, ach bilde dir doch ja nicht ein, du seist deswegen engelrein. Bekenne Gott in Demut deine Sünden, so kannst du Gnad und Hilfe finden.

Aria (Sopraan)

Liebster Gott, erbarme dich,
Lass mir Trost und Gnad erscheinen.
Meine Sünden kränken mich
Als ein Eiter in Gebeinen,
Hilf mir, Jesu, Gottes Lamm,
Ich versink im tiefen Schlamm.

Koraal

Ich armer Mensch, ich armer Sünder
Steh hier vor Gottes Angesicht,
Ach Gott, ach Gott, verfahr gelinder
Und geh nicht mit mir ins Gericht,
Erbarme dich, erbarme dich,
Gott, mein Erbarmer, über mich!

De toelichtingstekst is geschreven door Jos Vermunt. De tekst valt onder het copyright van de Kloosterkerk.

Aan de diensten met cantate zijn hoge kosten verbonden. Ondanks vele giften dekt de collecte na afloop van de dienst slechts de helft van de uitgaven. Derhalve doet de Kloosterkerk een dringend beroep op de bezoekers om bij de uitgangscollecte actief bij te dragen (richtbedrag € 7,50 p.p.) aan de bestrijding van de onkosten.

Van de diensten met cantate is een agenda en een archief beschikbaar.